Doelstelling van de assessment-fase

Tijdens de assessment-fase worden de competenties van de cliënt (en zijn persoonlijk netwerk) onderzocht in relatie tot de arbeidswens. De jobcoach krijgt inzicht in welke wijze van begeleiding/coaching aansluit bij de cliënt, voor het ontwikkelen van een arbeidsidentiteit en het vinden van een passende werkplek.
Cliëntprofiel / begeleidingsbehoefte

Het cliëntprofiel wordt met praktijkobservaties en trainingsresultaten van vaardigheden verder ingevuld. Cliënt en jobcoach bouwen een vertrouwensrelatie met elkaar op. Er ontstaat een breder beeld van de wijze waarop de cliënt een arbeidsidentiteit kan vormen en van de begeleiding die nodig is om te kunnen functioneren op een passende werkplek. Resultaat van deze fase is een indicatie voor een passende werkplek en een werkwijze om de cliënt daar naartoe te leiden (trajectontwikkeling).
Voor de cliënt is het doel van de assessment-fase te onderzoeken en concretiseren wat hij kan, wat hij wil, wat zijn mogelijkheden zijn, wat de manier is waarop hij kan leren en wat voor soort werk en werkomgeving bij hem past.


Motivatie, wensen en reële perspectieven

De cliënt onderzoekt hoe zijn arbeidswens in de praktijk vorm kan krijgen. Hij wordt zich bewust van de inhoud van zijn motivatie en concretiseert stap voor stap richting de reële perspectieven. Het komt regelmatig voor dat hij niet goed weet wat hij eigenlijk wil. De jobcoach heeft dan de taak de cliënt te ondersteunen in het bewust worden van de eigen wens door hem in verschillende situaties praktijkervaring op te laten doen. Dit helpt om eigen mogelijkheden te leren kennen en tot nadere concretisering van reële perspectieven te komen.

Casus Christien (ass.2A)


Vaardigheden

Feedback uit gesprekken met werkbegeleiders (samen met de jobcoach), observaties van de jobcoach en uitslagen van testen m.b.t. vaardigheden en werkhouding, geven de cliënt zicht op zijn eigen mogelijkheden. Het gaat dan onder meer om de sociale vaardigheden, technische vaardigheden en de manier waarop hij in een arbeidsproces en arbeidsomgeving kan functioneren.


Manier van leren

De cliënt ervaart aan den lijve hoe hij kan leren d.m.v. oriëntatiestages, trainingen, cursussen en de praktijk (ervaringsgericht). De jobcoach inventariseert hoe de cliënt kan leren en wat er voor hem nodig is om te kunnen leren.


Sfeer en persoonlijkheid

Tijdens de intakegesprekken krijgt de jobcoach een voorlopige indruk van de cliënt. In het assessment wordt dit beeld duidelijker doordat de cliënt zijn gedrag ook in een concrete werksituatie toont. De jobcoach observeert hoe hij zich in deze situatie gedraagt. Hoe verlopen interacties met collega’s? Op welke wijze komt het autisme in een werkomgeving naar voren (bijvoorbeeld angst voor nieuwe situaties)? Wat gebeurt er op het gebied van de communicatie, weet de cliënt bijvoorbeeld wanneer hij een hulpvraag moet stellen? Hoe houdt hij vast aan zijn eigen ideeën over werk? Is hij in staat te reflecteren op zichzelf en staat hij open voor feedback? Kan hij accepteren dat hij tekorten heeft in het functioneren in arbeid of onrealistische toekomstverwachtingen koestert? Met andere woorden: is hij zich bewust van zijn beperkingen?

Voor het persoonlijk netwerk is het doel van de assessment-fase inzicht te verkrijgen welke competenties, ideeën en overtuigingen zij zelf hebben die ondersteunend kunnen zijn bij het realiseren van passend werk voor de cliënt.


Motivatie, wensen en reële perspectieven

Het persoonlijk netwerk houdt rekening met wensen en motivatie van de cliënt tijdens het traject. Zij respecteren diens wens en motivatie en trachten hun eigen wens en motivatie daar van te (onder)scheiden. De voorbeelden uit de praktijk maken voor de cliënt, maar ook voor het persoonlijk netwerk, duidelijk wat reële perspectieven voor de cliënt zijn. Dit kan de aanleiding vormen voor het netwerk om de eigen verwachtingen ten aanzien van de cliënt en diens toekomstperspectief bij te stellen. Het persoonlijk netwerk stimuleert deelname van de cliënt aan de arbeidsintegratie en ondersteunt het inzichtelijk maken van reële perspectieven. Door realistisch te zijn draagt het netwerk bij aan de acceptatie van het perspectief door de cliënt.


Vaardigheden

Het persoonlijk netwerk levert een positieve bijdrage aan het traject door coöperatief te zijn en inzicht te hebben in de doelstelling van het traject.


Manier van leren

Het persoonlijk netwerk draagt bij aan het assessement door kennis over de manier van leren van de cliënt te delen met de jobcoach. Zij verwoordt over welke aantoonbare kennis de cliënt beschikt en waar en hoe deze kennis is verworven.


Sfeer en persoonlijkheid

Het persoonlijk netwerk toont bereidheid tot samenwerking met de jobcoach en is realistisch. Zij informeert de jobcoach wanneer er blijk is van ontevredenheid bij de cliënt m.b.t. het traject of wanneer de cliënt gedrag vertoont in de thuissituatie dat kan wijzen op overvraging van de cliënt.

Voor het zakelijk netwerk (cursusleiders, werkmeesters, werkbegeleiders, arbeidsdeskundigen, reïntegratiemedewerkers, behandelaars) is het doel van de assessment-fase zicht te krijgen op de wijze, de positie en het perspectief van waar uit zij een bijdrage kan leveren aan het realiseren van doelen voor de cliënt.


Motivatie, wensen en reële perspectieven

Het zakelijk netwerk is in staat om respectvol om te gaan met de wensen van de cliënt, ook als die verschillen van de eigen motivatie, en toont inzet om realistisch te zijn.


Vaardigheden

De jobcoach zoekt een stage waar (een deel van) de vaardigheden van de cliënt tot hun recht kunnen komen. Werkbegeleiders en/of stageleiders bieden de cliënt de gelegenheid om zijn vaardigheden op passende wijze te demonstreren.


Manier van leren

Werkbegeleiders en/of stagebegeleiders rapporteren hun ervaring aan de jobcoach over de mogelijkheden tot leren en het verwerken van informatie van de cliënt. Scholen leveren desgevraagd informatie over de cliënt over de leermogelijkheden uit het verleden. Eventueel kan de jobcoach besluiten om nader onderzoek uit te laten voeren door een specialist (gedragwetenschapper) teneinde een duidelijker beeld te krijgen van de leermogelijkheden van de cliënt.


Sfeer en persoonlijkheid

Het zakelijk netwerk (opdrachtgevers) handelt coöperatief. Zij toont belangstelling en staat open voor informatie over autisme. Het zakelijk netwerk gedraagt zich geduldig en is duidelijk in (on)mogelijkheden van het traject (bijvoorbeeld de financiën).