Doelstelling van de intake-fase

In de intake-fase gaat het er om de hulpvraag van de cliënt duidelijk te krijgen. Is er een vraag, hoe luidt de vraag en wiens belang wordt met deze vraag behartigd?
Cliëntprofiel / begeleidingsbehoefte

De jobcoach brengt tijdens het eerste gesprek de benodigde begeleiding in kaart. Deze inschatting wordt gemaakt op grond van beschikbare gegevens en de manier waarop de cliënt zich in het gesprek opstelt. In het afrondend gesprek van de intake worden afspraken gemaakt over de manier waarop de begeleiding voorlopig vorm gaat krijgen. In de assessment- en oriëntatiefase zal er meer inzicht worden verkregen omtrent de begeleidingsbehoefte (onderzoekvraag in assessment en oriëntatie).

Voor de cliënt is het doel van de intake-fase inzicht te verwerven of het traject overeenstemt met zijn verwachtingen.


Werkvormen van de jobcoach

De werkvormen moeten aansluiten bij de competenties van de cliënt en zijn gericht op het wederzijds kennismaken en informatie verkrijgen over het verdere vervolg van het traject. Onder werkvormen verstaan we bijvoorbeeld de gesprekken met de cliënt, voeren van overleg met derden, dossieronderzoek en het maken van rapportages.

Er wordt inzicht verkregen in de (on)mogelijkheden voor toeleiding naar arbeid overeenkomstig de wens en vaardigheden van de cliënt. Waar ligt de motivatie, wat zijn de intenties voor deelname, waar komt de werkwens vandaan en hoe lang is die wens er? De intake verloopt gefaseerd, afhankelijk van de hoeveelheid voorinformatie.

Minimaal worden drie tot vier gesprekken gevoerd. Als eerste een kennismakingsgesprek waarbij het accent ligt op uitleg geven, inzichtelijk maken van (on)mogelijkheden, rolverduidelijking en checken van de meegebrachte informatie. In het daarop volgende arbeidsgerelateerde interview (één tot twee bijeenkomsten) vindt het onderzoek plaats van de werkwens en de haalbaarheid van deelname aan het toeleidingtraject. Het afrondend gesprek tenslotte gaat over de uitkomst van het onderzoek en het voorstel voor de (voorlopige) invulling van het traject. Van belang is het zorgdragen voor een rustige ruimte, een overdachte opstelling van gesprekspartners. In deze fase worden hulpmiddelen zoals flip-overs, schriftelijk vastleggen van afspraken (mailen) en een trajectplan benut.

- Motivatieprofiel

- Competentieanalyse

- Intake-punten

- Jobcoach-verslag


Houding van de jobcoach

De jobcoach heeft kennis omtrent autisme. De jobcoach heeft een uitnodigende houding en is gericht op wederkerigheid in het contact. Deze wederkerigheid wordt actief bewerkstellligd door informatie te checken, op non-verbaal gedrag (codes) te letten en na te vragen (spiegelen). Er wordt aansluiting gezocht bij het verhaal van de cliënt. Er wordt toestemming gevraagd voor het verzamelen van informatie.

De jobcoach is realistisch, duidelijk en doortastend in het optreden. Uitgangspunt is dat de jobcoach handelt in het belang van de cliënt en er van uit gaat dat de cliënt werkwillend is. De jobcoach streeft naar samenwerking met het persoonlijk en zakelijk netwerk, neemt hierin initiatief. Geeft vorm en leiding aan het traject en is hiervoor verantwoordelijk.

De jobcoach kent de regiefunctie toe aan de cliënt maar houdt rekening met diens beperkingen in het overzien van het totaal veroorzaakt door het autisme. Bepaalde gedragingen van cliënten die voortkomen uit de autistische stoornis, kunnen irritatie oproepen bij de jobcoach. Het is van belang dit te onderkennen en met collega's te bespreken.

- Kwaliteiten begeleider


Informatie structureren

De jobcoach maakt een duidelijke uitnodiging met daarin een overzicht hoe het gesprek gaat verlopen (tijd) en daarna de verwachtingen van het gesprek. De jobcoach vraagt door naar werkelijke intenties en legt verbindingen naar situaties. Belangrijk is dat de gegeven informatie steeds wordt samengevat en bij de cliënt wordt nagegaan of het begrepen is. De jobcoach gebruikt tijdens de bijeenkomst een flip-over voor het visueel maken van de informatie en geeft korte afspraken schriftelijk mee (mail).

Er wordt gebruik gemaakt van hulpmiddelen zoals een visitekaartje, folders, trajectoverzicht en een stappenplan. De tijdsduur van het gesprek wordt bewaakt. Informatie verwerken kost voor een cliënt met autisme veel energie.

- Gesprekken

- Trajectplan


Succesfactoren


De actieve betrokkenheid van de cliënt vergroot als hij begrijpt wat er gebeurt en zich begrepen voelt. De persoonlijke benadering van de jobcoach is van belang, evenals het nakomen van afspraken. Acceptatie van het autisme en kennis over zichzelf bij de cliënt werkt bevorderlijk voor het arbeidstoeleidingstraject. Ontvankelijk zijn voor tips is een postief kenmerk bij een cliënt omdat het houvast geeft in de begeleiding en een teken is van leerbaarheid. Randvoorwaardelijk is het hebben van een geregelde geldstroom een bevorderende omstandigheid. Medewerking van de betrokken partijen draagt bij aan het gericht opbouwen van het toeleidingstraject.


Valkuilen


Voor de cliënt is een geringe belastbaarheid (bijvoorbeeld maximaal twee uur per dag bezig kunnen zijn) een complicerende factor. Een grote discrepantie tussen taalvaardigheid, inzicht in eigen functioneren en praktisch handelen versluiert inzicht voor de jobcoach en de cliënt in realistische mogelijkheden. De jobcoach verliest aan scherpte wanneer er teveel gegeneraliseerd wordt op basis van eerdere ervaringen bij cliënten met autisme. Tegelijkertijd is het riskant te veel op het eigen oordeel af te gaan en het algemeen belang uit het oog te verliezen. Het verliezen van gepaste distantie door de jobcoach kan de functionele werkrelatie tijdens de arbeidstoeleiding benadelen.

Voor het persoonlijk netwerk is het doel van de intake-fase inzicht te verkrijgen over de mogelijkheden van het traject.


Werkvormen van de jobcoach

Het is wenselijk om leden van het persoonlijk netwerk van de cliënt bij het eerste en laatste afrondende gesprek uit te nodigen (in overleg met de cliënt). Leden van het persoonlijk netwerk kunnen in deze gesprekken aanvullende informatie geven en de cliënt steun bieden (veiligheid). In de intake is het belangrijk de visie van het persoonlijk netwerk over arbeid en de ideeën die leven over arbeid en de cliënt helder te krijgen. In het verlengde van de opdrachten voor de cliënt krijgt het persoonlijk netwerk een steunende taak toebedeeld.


Houding van de jobcoach

De jobcoach streeft naar samenwerking met het persoonlijk netwerk vanwege het belang voor de cliënt en neemt initiatief. Is zich bewust van de kennis van het netwerk over de cliënt en respecteert deze informatie.



Informatie structureren

De jobcoach maakt afspraken met bijvoorbeeld ouders of woonbegeleiders over wie welke informatie levert. Hierbij moet worden gedacht aan persoonlijke informatie, informatie over het verleden van de cliënt, over het netwerk zelf, broers en zussen, school, dagbesteding, etc.

Daarnaast moet duidelijk worden gemaakt waar en hoe het netwerk bereikbaar is: wie maken onderdeel uit van het netwerk, wat zijn de telefoonnummers, hoe zijn zij het best bereikbaar, wie is het aanspreekpunt? Het is belangrijk alle informatie boven tafel te krijgen omdat het netwerk ook dient voor het aanvullen en checken van de informatie van de cliënt. Ook bij ouders van cliënten kunnen autistische stoornissen voorkomen, dit is van invloeed op hun rolinvulling.


Succesfactoren

Betrokkenheid en medewerking van het persoonlijk netwerk helpt bij het opbouwen van het arbeidstoeleidingstraject. Een netwerk dat de handicaps vanuit het autisme accepteert is beter in staat om verwachtingen te kunnen formuleren en bij te stellen.


Valkuilen

Te hoge verwachtingen van het persoonlijk netwerk, al dan niet in combinatie met te snel willen realiseren van wensen, belemmert een realistische uitvoering van het traject.

Voor het zakelijk netwerk is het doel van de intake-fase afhankelijk van het belang dat aan het project wordt toegekend, en de positie erin.


Werkvormen van de jobcoach

In de intakeprocedure is de betrokkenheid van het zakelijk netwerk nog niet zo intensief. Wel wordt waar nodig kennisgemaakt: wie zijn het, welke rol zullen zij hebben in een traject en wat kunnen ze betekenen?

De jobcoach onderzoekt of het netwerk de cliënt in zekere mate kan ondersteunen of, in geval van arbeidsdeskundigen, het traject ondersteund kan worden.



Houding van de jobcoach

De jobcoach neemt initiatief en heeft verstand van zaken. Toont zich representatief en exploreert mogelijkheden. De jobcoach gaat vertrouwelijk om met de informatie over de cliënt die verkregen wordt uit het zakelijk netwerk.



Informatie structureren

De jobcoach maakt afspraken met de school, de dagbesteding en het reïntegratiebedrijf over wie de aanspreekpunten zijn. Waar zijn ze bereikbaar en welke informatie kunnen ze leveren?

Eerst wordt in kaart gebracht welke personen het zakelijk netwerk vormen, vervolgens worden afspraken gemaakt over de betrokkenheid , welke informatie uitgewisseld wordt en eventueel wanneer de cliënt wordt overgedragen. De bereikbaarheid van de jobcoach is voor iedereen inzichtelijk.


Succesfactoren

Betrokkenheid en medewerking van het zakelijk netwerk helpt bij het opbouwen van het arbeidstoeleidingstraject. Een netwerk dat de handicaps vanuit het autisme accepteert is beter in staat om verwachtingen te kunnen formuleren en bijstellen.


Valkuilen

Onderschatten van de aard van de handicap en implicaties voor de werkomgeving kan belemmerend werken.